Vogelgriep treft pluimveebedrijf Biddinghuizen: 55.000 kippen geruimd
Op een pluimveebedrijf in Biddinghuizen is vogelgriep vastgesteld. De NVWA ruimt 55.000 kippen om verdere verspreiding te voorkomen. Het is de tweede uitbraak op dit bedrijf. In een straal van tien kilometer geldt een vervoersverbod, dat 25 commerciële pluimveebedrijven treft.
Op een pluimveebedrijf aan de Mosselweg in Biddinghuizen is vogelgriep vastgesteld. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ruimt alle 55.000 kippen op het bedrijf om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. Het is de tweede keer dat dit bedrijf wordt getroffen door vogelgriep. Ook is een vervoersverbod ingesteld in een straal van tien kilometer rond het besmette bedrijf. In dit gebied liggen 25 commerciële pluimveebedrijven, die tijdelijk geen dieren mogen aan- of afvoeren.
De uitbraak werd op 15 mei 2026 bevestigd door de NVWA na laboratoriumonderzoek. Het gaat om hoogpathogene aviaire influenza, een zeer besmettelijke vorm van vogelgriep die dodelijk is voor pluimvee. De bron van de besmetting is nog niet vastgesteld. De NVWA onderzoekt hoe het virus het bedrijf heeft bereikt en of er contact is geweest met wilde vogels of andere pluimveebedrijven. Vogelgriep wordt vaak verspreid door wilde watervogels, die het virus bij zich kunnen dragen zonder zelf ziek te worden. Via mest, veren of direct contact kan het virus overspringen naar commercieel gehouden pluimvee.
Het vervoersverbod geldt voor alle pluimveebedrijven binnen een straal van tien kilometer. Dit betekent dat deze bedrijven geen kippen, eieren voor uitbroeden, mest, strooisel of andere materialen mogen vervoeren. Ook mogen geen bezoekers het bedrijf betreden, tenzij dit strikt noodzakelijk is en met toestemming van de NVWA. Het doel is om te voorkomen dat het virus zich via vervoersmiddelen, kleding of schoeisel verspreidt naar andere bedrijven. Het vervoersverbod blijft minimaal 72 uur van kracht, maar kan worden verlengd als de NVWA dat nodig acht.
Voor de 25 commerciële pluimveebedrijven in de getroffen zone heeft het vervoersverbod directe economische gevolgen. Bedrijven die slachtkippen houden, kunnen hun dieren niet afleveren aan slachterijen, wat leidt tot oplopende kosten voor voer en huisvesting. Bedrijven die leghennen houden, kunnen hun eieren wel blijven verkopen voor consumptie, maar niet voor uitbroeden. Kuikenbroederijen kunnen geen nieuwe kuikens afleveren aan andere bedrijven. De financiële schade loopt snel op, vooral voor bedrijven die op het punt stonden dieren af te leveren.
Vogelgriep is een terugkerend probleem in de Nederlandse pluimveesector. In het seizoen 2025-2026 zijn er tot nu toe 14 uitbraken geweest op commerciële pluimveebedrijven in Nederland, verspreid over verschillende provincies. Flevoland is een van de provincies met de hoogste dichtheid aan pluimveebedrijven, wat het risico op verspreiding vergroot. De sector telt in Nederland circa 2.000 commerciële pluimveebedrijven met in totaal ruim 100 miljoen kippen. De economische waarde van de pluimveesector bedraagt jaarlijks circa 2 miljard euro, inclusief export van eieren en vlees.
De ruiming van 55.000 kippen is een zware klap voor het getroffen bedrijf. De dieren worden gedood en afgevoerd voor destructie. Het bedrijf ontvangt een vergoeding van het Diergezondheidsfonds voor de waarde van de geruimde dieren, maar deze vergoeding dekt niet alle kosten. Inkomstenderving, extra kosten voor reiniging en ontsmetting, en de tijd die nodig is om het bedrijf weer op te starten worden niet volledig vergoed. Bovendien duurt het minimaal enkele weken voordat het bedrijf weer nieuwe dieren mag plaatsen, na grondige reiniging en goedkeuring door de NVWA.
Het is de tweede keer dat dit bedrijf wordt getroffen door vogelgriep. De eerste uitbraak vond plaats in het seizoen 2024-2025. Dit roept vragen op over de biosecurity-maatregelen op het bedrijf. Biosecurity omvat alle maatregelen om te voorkomen dat ziekten het bedrijf binnenkomen, zoals hygiëneprotocollen, beperking van bezoek, afscherming van stallen tegen wilde vogels, en strikte scheiding tussen schone en vuile zones. De NVWA zal onderzoeken of er tekortkomingen zijn geweest in de biosecurity en of aanvullende maatregelen nodig zijn.
Voor de pluimveesector als geheel is elke uitbraak van vogelgriep een zorg. Nederland is een belangrijke exporteur van pluimveeproducten, met name eieren en kuikens. Bij uitbraken van vogelgriep kunnen importerende landen beperkingen opleggen aan Nederlandse producten, wat de export schaadt. In 2021 leidde een grote golf van vogelgriep-uitbraken tot exportbeperkingen vanuit onder meer Aziatische landen, met miljoenen euro's aan omzetverlies voor de sector. De sector investeert daarom fors in preventie, maar het risico blijft aanwezig zolang wilde vogels het virus verspreiden.
Bonenvlieg bedreigt uienteelt
Naast de vogelgriep-uitbraak is er nog een andere plaag die Flevolandse boeren treft: de bonenvlieg. Bij een uienteler in Emmeloord is 70 procent van de net ingezaaide uien aangetast door larven van de bonenvlieg. Vijf jaar geleden had vrijwel niemand last van deze plaag, maar nu duikt de bonenvlieg op steeds meer plaatsen op, meldt Wageningen University & Research (WUR).
De bonenvlieg (Delia platura) is een kleine vlieg waarvan de larven zich voeden met kiemende zaden en jonge plantjes. De larven vreten zich in het zaad of de kiem, waardoor de plant afsterft voordat deze boven de grond komt. Dit leidt tot kale plekken in het veld en een sterk verminderde opbrengst. Bij de getroffen uienteler in Emmeloord is 70 procent van de aanplant verloren gegaan, wat neerkomt op een aanzienlijke financiële schade. Een hectare uien levert normaal gesproken circa 50 tot 60 ton op, met een opbrengst van 10.000 tot 15.000 euro per hectare, afhankelijk van de marktprijs.
De bonenvlieg wordt door onderzoekers van WUR omschreven als "een rijzende ster onder de plagen". De toename wordt toegeschreven aan meerdere factoren. Ten eerste is het gebruik van neonicotinoïden, een groep insecticiden die effectief waren tegen bodeminsecten, sinds 2018 verboden in de Europese Unie vanwege schadelijke effecten op bijen. Hierdoor hebben telers minder mogelijkheden om zaaizaad te beschermen tegen insecten. Ten tweede lijkt de bonenvlieg te profiteren van mildere winters, waardoor meer larven en poppen de winter overleven en in het voorjaar uitkomen. Ten derde speelt vruchtwisseling een rol: door het verbod op bepaalde gewasbeschermingsmiddelen kiezen telers vaker voor andere gewassen, wat de cyclus van de bonenvlieg kan bevorderen.
Voor uientelers is de bonenvlieg een groeiend probleem. Nederland is wereldwijd de grootste exporteur van uien, met een jaarlijkse productie van circa 1,5 miljoen ton en een exportwaarde van ruim 500 miljoen euro. Flevoland is een van de belangrijkste uienteeltgebieden, met circa 5.000 hectare uien. Als de bonenvlieg zich verder verspreidt, kan dit leiden tot aanzienlijke opbrengstverliezen en hogere kosten voor gewasbescherming. Telers zoeken naar alternatieven, zoals het gebruik van andere insecticiden, het aanpassen van zaaitijdstippen, of het gebruik van resistente rassen, maar vooralsnog is er geen eenvoudige oplossing.
De WUR doet onderzoek naar de biologie van de bonenvlieg en mogelijke bestrijdingsmethoden. Dit omvat het in kaart brengen van de levenscyclus, het identificeren van natuurlijke vijanden, en het testen van biologische en chemische bestrijdingsmiddelen. Ook wordt gekeken naar preventieve maatregelen, zoals het verbeteren van de bodemstructuur en het gebruik van zaadcoatings die de kiem beschermen zonder schadelijk te zijn voor het milieu. Dit onderzoek is van groot belang voor de sector, omdat de bonenvlieg zich snel verspreidt en de schade toeneemt.
Bredere context: landbouw onder druk
De uitbraak van vogelgriep en de opkomst van de bonenvlieg illustreren de kwetsbaarheid van de Nederlandse landbouw. Beide sectoren, pluimveehouderij en akkerbouw, worden geconfronteerd met toenemende uitdagingen: ziekten en plagen die moeilijk te bestrijden zijn, strengere regelgeving rond gewasbeschermingsmiddelen en diergezondheid, en klimaatverandering die de omstandigheden voor ziekten en plagen kan beïnvloeden.
Voor pluimveehouders betekent dit dat investeringen in biosecurity en monitoring essentieel zijn. Voor akkerbouwers betekent dit dat zij moeten zoeken naar nieuwe teeltmethoden en gewasbeschermingsstrategieën die effectief zijn binnen de huidige regelgeving. Voor beide sectoren geldt dat samenwerking met onderzoeksinstellingen en overheid nodig is om oplossingen te vinden.
De economische gevolgen van ziekten en plagen in de landbouw zijn aanzienlijk. Naast directe schade aan gewassen en dieren, zijn er indirecte kosten zoals inkomstenderving, extra kosten voor bestrijding en preventie, en imagoschade bij exportbeperkingen. Voor individuele bedrijven kan een uitbraak of plaag het verschil betekenen tussen winst en verlies, of zelfs tussen voortbestaan en faillissement.
De NVWA zal de komende dagen en weken nauwlettend monitoren of er nieuwe uitbraken van vogelgriep zijn in de regio Biddinghuizen. Het vervoersverbod blijft van kracht totdat duidelijk is dat er geen verdere verspreiding is. Voor de 25 pluimveebedrijven in de getroffen zone betekent dit een periode van onzekerheid en financiële druk. De sector hoopt dat de uitbraak beperkt blijft tot het ene bedrijf en dat het vervoersverbod snel kan worden opgeheven.
Voor de uienteelt is de verwachting dat de bonenvlieg de komende jaren een blijvend probleem zal zijn. Telers zullen moeten investeren in preventie en bestrijding, en mogelijk hun teeltstrategie moeten aanpassen. De WUR verwacht in 2027 de resultaten van het lopende onderzoek te publiceren, wat telers kan helpen bij het nemen van beslissingen.
Voor beide sectoren geldt dat samenwerking en kennisdeling essentieel zijn. Branchorganisaties zoals de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) en LTO Nederland spelen een belangrijke rol in het ondersteunen van leden, het delen van kennis, en het bepleiten van belangen bij overheid en politiek. Ook de samenwerking met onderzoeksinstellingen zoals WUR en de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) is van groot belang om snel te kunnen reageren op nieuwe bedreigingen.
Redactie ondernemers.net
De redactie van ondernemers.net brengt dagelijks nieuws voor Nederlandse ondernemers, op basis van publieke databronnen zoals het CIR (faillissementen), RVO (subsidies), CBS (sectorcijfers) en officiële persberichten.