Financiering

Dronten verhoogt starterslening naar 7 miljoen euro: vraag groeit sneller dan budget

De gemeenteraad van Dronten heeft het budget voor startersleningen verdubbeld van 3 naar 7 miljoen euro. De vraag naar de regeling groeit sneller dan verwacht, met 97 aanvragen in plaats van de begrotingsprognose van 80. De raad eist evaluatie of het geld terechtkomt bij de beoogde doelgroep.

Β· 7 min lezen Β· Bron: Regionaal β€” Flevoland
Raad akkoord: spaarpot voor starterslening opgehoogd naar 7 miljoen euro
Raad akkoord: spaarpot voor starterslening opgehoogd naar 7 miljoen euro Foto: Raad akkoord
Deel

De gemeenteraad van Dronten heeft deze week unaniem ingestemd met een verhoging van het budget voor startersleningen van 3 miljoen naar 7 miljoen euro. De maatregel moet starters op de woningmarkt helpen bij de aankoop van hun eerste woning. Het besluit volgt op een snellere groei van aanvragen dan vooraf was ingeschat en signaleert dat de vraag naar financiΓ«le steun voor jonge huizenbyers in de gemeente groter is dan het aanbod.

De starterslening in Dronten is een gemeentelijk krediet dat jonge huishoudens helpt bij het financieren van hun eerste woning. Tot 2024 waren de voorwaarden streng: beide partners moesten in Dronten wonen, eerder in de gemeente hebben gewoond, of er werken. Dit sloot veel potentiële leners uit. Na aanpassing van de voorwaarden in 2024 hoeft slechts één partner aan deze criteria te voldoen. Daarnaast is de maximale aankoopprijs van een huis gekoppeld aan de ontwikkelingen op de woningmarkt, in plaats van vast op 300.000 euro.

De populariteit van de regeling is groter dan verwacht. In april 2024 werden nog slechts 26 starters geholpen door de lening. Dit jaar ging het college uit van 80 aanvragen, maar inmiddels zijn er al 97 aanvragen ingediend. Maandelijks wordt ruim 85.000 euro aan leningen uitgegeven. Het oorspronkelijke jaarlijkse budget van 3,2 miljoen euro is vrijwel volledig ingezet. In maart resteerde nog slechts 480.000 euro, waarmee nog ongeveer twaalf leningen konden worden verstrekt. Zonder verhoging zou het budget binnen enkele weken uitgeput zijn geweest.

Wethouder Peter van Bergen benadrukte in de raadsvergadering dat de verhoging van het budget nodig is om starters de komende jaren perspectief te bieden. De raad ondersteunde dit standpunt unaniem. "Het is goed dat we starters de komende jaren ook meer perspectief gaan bieden", zei Jeffrey Eelman van D66. "Het potje is nu bijna leeg, dus wij zien de urgentie ook." Dit enthousiasme weerspiegelt een breed gedeeld inzicht in de raad dat huizenbyers steeds meer financiΓ«le steun nodig hebben om op de woningmarkt actief te kunnen zijn.

De raad ziet in de starterslening ook een antwoord op een bredere maatschappelijke trend. Willemien Wever van het CDA wees erop dat jongeren het stichten van een gezin uitstellen. "Jongeren beginnen niet eerder aan kinderen dan wanneer ze een eigen woning gevonden hebben", aldus Wever. Dit fenomeen is vastgesteld in recent onderzoek en wijst op de grote belemmering die huizenprijzen vormen voor jonge huishoudens. Een starterslening kan deze drempel verlagen en jonge gezinnen helpen hun plannen eerder te realiseren.

Kritische vragen over doelgroepbereik

Ondanks het enthousiasme over de budgetverhoging, stelden meerdere raadsfracties kritische vragen over de effectiviteit van de regeling. GroenLinks-PvdA, CDA, D66 en ChristenUnie vroegen zich af of het geld werkelijk terechtkomt bij de beoogde doelgroep: starters met een lager of middeninkomen. Sandra Nobel van GroenLinks-PvdA wees erop dat jongeren met relatief hoge inkomens nu ook gebruik kunnen maken van de lening, wat mogelijk niet de bedoeling is.

"Wat we nog steeds onvoldoende weten is of deze regeling ook echt terechtkomt bij doelgroep waar deze oorspronkelijk voor bedoeld is", zei Nobel. Ze stelde drie kritische vragen: krijgen lagere en middeninkomens daadwerkelijk hulp van de regeling, of bereikt het geld ook starters die met hulp van ouders, spaargeld of andere financiΓ«le ondersteuning toch een woning hadden kunnen kopen, en hebben starters met de kleinste financieringsruimte daadwerkelijk kans op de woningmarkt met deze lening?

Deze vragen wijzen op een fundamenteel probleem bij veel subsidieregelingen: doelgroepslippage. Dit treedt op wanneer geld bestemd voor kwetsbare groepen ook terechtkomt bij mensen die het minder nodig hebben. In het geval van startersleningen kan dit gebeuren als de criteria niet scherp genoeg zijn gesteld. Jongeren met hoge inkomens en sterke bancaire ondersteuning kunnen de lening gebruiken om sneller een duurder huis te kopen, terwijl jongeren met lage inkomens en geen financiΓ«le ruggesteun mogelijk niet eens kunnen lenen omdat hun inkomen onvoldoende is.

De raad besloot daarom het college op te dragen een evaluatie uit te voeren van de starterslening. Deze evaluatie moet voor de zomervakantie gereed zijn. Wethouder Van Bergen beloofde dit zo snel mogelijk ter hand te nemen. De evaluatie zal moeten uitwijzen of de regeling inderdaad starters met lager en middeninkomen bereikt, en of aanpassingen nodig zijn om de doelgroepbereik te verbeteren.

Woningtekort blijft kernprobleem

De VVD wees erop dat een starterslening slechts een symptoombestrijding is. "Als we het aanbod niet vergroten, stijgt de prijs harder", zei Leon Schuiling namens zijn partij. "Wat heb je aan een lening als er niets te kopen is?" Dit argument raakt de kern van het woningprobleem in Nederland: de vraag naar woningen overtreft het aanbod aanzienlijk, wat leidt tot stijgende prijzen.

In Dronten, een gemeente in Flevoland met ongeveer 40.000 inwoners, is het woningtekort een chronisch probleem. De gemeente heeft de afgelopen jaren veel werkgelegenheid aangetrokken, wat leidt tot migratie van werknemers naar de regio. Dit verhoogt de vraag naar woningen, maar het aanbod groeit niet mee. Startersleningen kunnen jonge huishoudens helpen meer te lenen, maar als er geen woningen beschikbaar zijn, helpt dit niet. Erger nog: als meer starters kunnen lenen, kan dit de vraag verder opdrijven en de prijzen verder omhoog stuwen.

Wethouder Van Bergen erkende dit probleem en zei dat er hard wordt gewerkt aan een inhaalslag tegen het woningentekort in Dronten. Dit wijst op plannen voor nieuwbouw. Echter, woningbouw vergt tijd: grondverwerving, planologie, bouwvergunningen, en uiteindelijk constructie kunnen jaren duren. In de tussentijd blijft de druk op jonge huishoudens groot.

Bredere context: startersleningen in Nederland

Dronten is niet de enige gemeente die startersleningen aanbiedt. Veel gemeenten in Nederland hebben soortgelijke regelingen ingesteld, vooral in regio's met sterke werkgelegenheid en hoge huizenprijzen. Voorbeelden zijn Amsterdam, Utrecht, Groningen en Rotterdam. Deze regelingen variΓ«ren in omvang, voorwaarden en doelgroepbereik. Sommige gemeenten richten de lening op starters met lage inkomens, anderen hebben minder strikte criteria.

De populariteit van startersleningen weerspiegelt een groter probleem: jonge huishoudens kunnen steeds moeilijker een woning kopen zonder hulp. De gemiddelde huizenprijs in Nederland is sinds 2010 met meer dan 60 procent gestegen, terwijl de lonen veel minder zijn gestegen. Dit heeft geleid tot een situatie waarin veel jonge huishoudens niet kunnen lenen van banken, omdat hun inkomen onvoldoende is of hun schuldenquote te hoog wordt.

De Nationale Hypotheek Maatschappij (NHM), een overheidsinstelling die hypotheken verstrekt aan groepen die moeilijk aan krediet kunnen komen, ziet ook toenemende vraag. De NHM verstrekte in 2025 meer hypotheken dan ooit tevoren, vooral aan jonge huishoudens en gezinnen met lagere inkomens. Dit wijst op een structureel probleem op de woningmarkt: de vraag naar betaalbare woningen overtreft het aanbod aanzienlijk.

Startersleningen kunnen een deel van het probleem verlichten, maar zijn geen oplossing. Ze vergroten de leencapaciteit van jonge huishoudens, maar als het aanbod van woningen niet groeit, leidt dit tot hogere prijzen. Dit is een klassiek economisch probleem: als je de vraag verhoogt zonder het aanbod te vergroten, stijgen de prijzen. Daarom is het belangrijk dat gemeenten als Dronten niet alleen startersleningen aanbieden, maar ook actief werken aan het vergroten van het woningaanbod.

Gevolgen voor ondernemers en werkgevers

De starterslening in Dronten heeft ook gevolgen voor werkgevers en ondernemers in de regio. Een groot deel van de werknemers in Dronten komt van buiten de gemeente. Als jonge werknemers geen woning kunnen kopen of huren, kunnen zij niet in de regio blijven wonen en moeten zij uitwijken naar andere plaatsen. Dit leidt tot langere woon-werkafstanden, hogere kosten voor werknemers, en mogelijk hogere verzuim en verloop.

Door startersleningen beschikbaar te stellen, helpt de gemeente jonge werknemers in de regio te houden. Dit is voordelig voor werkgevers, omdat het arbeidsmarktaanbod groter blijft en werknemers niet hoeven uit te wijken. Voor ondernemers die in Dronten willen groeien, is een stabiele en lokale beroepsbevolking van belang.

Aan de andere kant kunnen startersleningen ook leiden tot hogere huizenprijzen, wat uiteindelijk schadelijk is voor werkgevers en werknemers. Als meer starters kunnen lenen, stijgt de vraag naar woningen, wat de prijzen opdrijft. Dit kan ertoe leiden dat werknemers met hogere inkomens woningen kopen die eigenlijk voor starters bestemd waren, waardoor de prijzen verder stijgen.

De komende maanden zal de evaluatie van de starterslening centraal staan. Het college van burgemeester en wethouders moet voor de zomervakantie rapporteren over de doelgroepbereik en de effectiviteit van de regeling. Deze evaluatie zal waarschijnlijk leiden tot aanpassingen van de voorwaarden, bijvoorbeeld door de lening sterker gericht te maken op starters met lagere inkomens.

Parallel daaraan zal Dronten moeten werken aan het vergroten van het woningaanbod. Zonder nieuwbouw zal de druk op jonge huishoudens blijven groot, en zullen startersleningen slechts een pleister op een grote wond zijn. De gemeente heeft aangegeven hard te werken aan een inhaalslag tegen het woningentekort, maar concrete plannen en deadlines zijn nog niet bekend.

De verhoging van het budget naar 7 miljoen euro is een signaal dat Dronten serieus werk maakt van het helpen van jonge huishouders. Echter, zonder structurele oplossingen op het aanbodkant zal dit geld op termijn onvoldoende zijn. De raad zal goed in de gaten moeten houden of de regeling werkelijk de beoogde doelgroep bereikt, en of aanvullende maatregelen nodig zijn.

Wat vind je van dit artikel?
Deel
Bron: Regionaal β€” Flevoland. Correcties of aanvullingen: redactie@ondernemers.net.