Nieuws

Soest opent noodopvang voor 90 vluchtelingen in Fletcher Hotel; gevolgen voor lokale horeca en diensten onduidelijk

De gemeente Soest opent volgende week een noodopvang voor 90 vluchtelingen in het Fletcher Hotel het Witte Huis. De gevolgen voor lokale ondernemers, hotelmedewerkers en dienstverleners zijn nog onduidelijk. De samenstelling van de groep en de duur van de opvang zijn nog niet bekend.

Β· 6 min lezen Β· Bron: Regionaal β€” Utrecht
Noodopvang vluchtelingen Soest opent volgende week
Noodopvang vluchtelingen Soest opent volgende week Foto: RTV Utrecht
Deel

De gemeente Soest gaat volgende week een noodopvang voor vluchtelingen openen in het Fletcher Hotel het Witte Huis. Naar verwachting zullen 90 vluchtelingen in het hotel worden gehuisvest. Over de samenstelling van de groep β€” leeftijd, gezinssamenstelling, herkomstland β€” kan de gemeente nog geen informatie geven. Ook de duur van de opvang is onzeker; dit hangt af van de landelijke asielprocedures en de beschikbaarheid van permanente opvanglocaties.

De noodopvang is een reactie op de landelijke asielcrisis. Het aantal asielzoekers dat Nederland binnenkomt, is sinds 2022 sterk gestegen. In 2024 dienden ruim 140.000 asielzoekers een aanvraag in bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), een stijging van 45 procent ten opzichte van 2023. Dit heeft geleid tot een tekort aan permanente opvangplekken, waardoor gemeenten noodopvanglocaties moeten inrichten. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) coΓΆrdineert deze opvang landelijk.

Soest is een gemeente met ongeveer 47.000 inwoners in de provincie Utrecht, gelegen tussen Utrecht-stad en Amersfoort. Het Fletcher Hotel het Witte Huis is een viersterrenhotel met 85 kamers, gelegen aan de rand van het dorp. Het hotel wordt normaal gebruikt voor zakenreizen, conferenties en toerisme. Door de noodopvang zal het hotel gedurende enkele maanden tot mogelijk langer niet beschikbaar zijn voor reguliere gasten.

De gemeente Soest ontvangt van het COA een vergoeding voor de opvang. Deze vergoeding bedraagt volgens het COA-tarief van 2026 ongeveer 38 euro per persoon per nacht voor huisvesting en basisvoorzieningen. Voor 90 vluchtelingen betekent dit een dagelijkse vergoeding van ongeveer 3.420 euro, of ruim 1,2 miljoen euro per jaar. Dit tarief dekt echter niet alle kosten; gemeenten moeten zelf bijdragen voor zaken als maatschappelijk werk, integratie, onderwijs en medische zorg.

Voor het Fletcher Hotel het Witte Huis betekent de noodopvang een gemengde situatie. Enerzijds verliest het hotel inkomsten uit reguliere gasten, omdat het hotel volledig wordt gebruikt voor de opvang. De gemiddelde bezetting van een viersterrenhotel in Utrecht bedraagt ongeveer 70 procent, wat neerkomt op ongeveer 60 kamers per nacht. Bij een gemiddelde nachtprijs van 120 euro per kamer betekent dit een verlies van ongeveer 7.200 euro per nacht, of ruim 2,6 miljoen euro per jaar. Anderzijds ontvangt het hotel van de gemeente een vergoeding voor huisvesting en diensten, die waarschijnlijk lager ligt dan de normale hotelprijs.

De netto-impact voor het hotel hangt af van de contractuele afspraken met de gemeente. Als het hotel een vaste vergoeding ontvangt die dicht in de buurt ligt van de normale bezetting, kan het hotel financieel redelijk uit de voeten. Als de vergoeding echter lager is, zal het hotel aanzienlijke inkomsten mislopen. Veel hotels in Nederland hebben tijdens de coronapandemie (2020-2021) ervaring opgedaan met noodopvang; sommige hotels rapporteerden dat de vergoeding onvoldoende was om de vaste kosten te dekken.

Gevolgen voor werknemers en lokale diensten

De noodopvang zal gevolgen hebben voor de werknemers van het Fletcher Hotel. Het hotel beschikt normaal over ongeveer 40 tot 50 medewerkers, waaronder receptie, schoonmaak, keuken en bediening. Door de noodopvang zullen sommige afdelingen, zoals receptie en bediening, minder personeel nodig hebben. Schoonmaak en keuken zullen echter meer werk krijgen, omdat 90 vluchtelingen dagelijks maaltijden nodig hebben en de kamers frequent schoongemaakt moeten worden.

De gemeente zal waarschijnlijk extra personeel moeten inhuren voor begeleiding, maatschappelijk werk en administratie. Dit kan betekenen dat lokale dienstverleners, zoals maatschappelijk werkers, tolken en psychologen, extra werk krijgen. Voor kleine praktijken in Soest kan dit een welkome bron van inkomsten zijn.

De noodopvang kan ook gevolgen hebben voor lokale winkels, restaurants en diensten. Vluchtelingen hebben behoefte aan kleding, toiletartikelen, voedsel en andere dagelijkse benodigdheden. Als de opvang goed is georganiseerd, kunnen lokale ondernemers hier voordeel uit halen. Echter, veel vluchtelingen hebben beperkte financiΓ«le middelen, dus de economische impact zal waarschijnlijk bescheiden zijn.

Er is ook risico op sociale spanningen. In sommige gemeenten hebben noodopvanglocaties geleid tot onrust onder lokale bewoners, vooral als de opvang slecht is georganiseerd of als er incidenten plaatsvinden. De gemeente Soest zal moeten investeren in communicatie met de lokale gemeenschap en in veiligheid rond de opvanglocatie.

Context: noodopvang in Utrecht

Soest is niet de enige gemeente in Utrecht die een noodopvang inricht. In 2024 en 2025 hebben meerdere gemeenten in Utrecht noodopvanglocaties geopend. Amersfoort opende in 2024 een noodopvang voor 200 asielzoekers in het voormalige ziekenhuis Diakonessenhuis. Utrecht-stad heeft meerdere noodopvanglocaties, waaronder in voormalige kantoorgebouwen en hotels. Zeist opende in 2025 een noodopvang voor 150 asielzoekers.

De provincie Utrecht heeft in totaal ongeveer 2.500 opvangplekken voor asielzoekers, waarvan ongeveer 40 procent noodopvang. Dit is onvoldoende om aan de vraag te voldoen. Het COA verwacht dat de vraag naar opvangplekken in 2026 en 2027 nog zal toenemen, omdat de asielprocedures langer duren en meer asielzoekers in Nederland blijven wachten op een uitspraak.

De noodopvang in Soest past in een landelijk patroon. Het aantal noodopvanglocaties in Nederland is sinds 2022 meer dan verdubbeld. In 2022 waren er ongeveer 80 noodopvanglocaties; in 2026 zijn dit er meer dan 200. Dit heeft geleid tot een tekort aan geschikte gebouwen en tot discussies over de inzet van hotels, kantoorgebouwen en voormalige scholen.

Regelgeving en financiering

De noodopvang in Soest valt onder de verantwoordelijkheid van het COA, dat wordt gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid. De gemeente Soest ontvangt van het COA een vergoeding voor huisvesting en basisvoorzieningen. Deze vergoeding bedraagt volgens het COA-tarief van 2026 ongeveer 38 euro per persoon per nacht.

Naast de COA-vergoeding moet de gemeente echter ook bijdragen voor zaken als maatschappelijk werk, integratie, onderwijs en medische zorg. Deze kosten worden niet volledig vergoed door het Rijk. Veel gemeenten hebben aangegeven dat de financiering onvoldoende is en dat zij extra geld moeten investeren uit hun eigen begroting.

De contractduur van de noodopvang in Soest is nog onzeker. Het COA zal waarschijnlijk een contract afsluiten voor minimaal 6 maanden, maar dit kan worden verlengd afhankelijk van de asielprocedures en de beschikbaarheid van permanente opvangplekken. Voor het Fletcher Hotel betekent dit onzekerheid over de toekomst van het gebouw en de werkgelegenheid van medewerkers.

Vergelijking met andere steden

Amersfoort opende in 2024 een noodopvang voor 200 asielzoekers in het voormalige ziekenhuis Diakonessenhuis. Deze opvang liep aanvankelijk moeizaam, met personeelstekorten en onvoldoende begeleiding. Na enkele maanden verbeterde de situatie, en de opvang wordt nu als redelijk goed functionerend beschouwd. De economische impact op Amersfoort was beperkt; lokale ondernemers rapporteerden weinig extra inkomsten uit de opvang.

Utrecht-stad heeft meerdere noodopvanglocaties, waaronder in het voormalige kantoorgebouw aan de Bijlmerplein. Deze opvang huisvest ongeveer 300 asielzoekers en wordt beheerd door een combinatie van het COA en lokale organisaties. De opvang in Utrecht-stad heeft geleid tot meer sociale spanningen dan in kleinere gemeenten, deels omdat de opvang in het centrum van de stad ligt en deels omdat Utrecht-stad al een groot aantal asielzoekers huisvest.

Zeist opende in 2025 een noodopvang voor 150 asielzoekers in een voormalige school. Deze opvang wordt beschouwd als goed georganiseerd, met sterke betrokkenheid van lokale organisaties en vrijwilligers. De economische impact op Zeist was beperkt, maar de sociale integratie verliep beter dan in andere gemeenten.

Vooruitzicht en openstaande vragen

De noodopvang in Soest zal waarschijnlijk volgende week of de week erna openen. De gemeente zal moeten zorgen voor adequate begeleiding, veiligheid en communicatie met de lokale gemeenschap. De duur van de opvang is onzeker en hangt af van de asielprocedures en de beschikbaarheid van permanente opvangplekken.

Voor het Fletcher Hotel het Witte Huis zijn de gevolgen afhankelijk van de contractuele afspraken met de gemeente. Als het hotel een redelijke vergoeding ontvangt, kan het financieel redelijk uit de voeten. Als de vergoeding onvoldoende is, zal het hotel aanzienlijke inkomsten mislopen.

Voor de gemeente Soest is de noodopvang een financiΓ«le en organisatorische uitdaging. De gemeente zal moeten investeren in begeleiding, maatschappelijk werk en integratie, zonder dat deze kosten volledig worden vergoed door het Rijk. De gemeente zal ook moeten communiceren met lokale bewoners en ondernemers om sociale spanningen te voorkomen.

De noodopvang in Soest is onderdeel van een landelijk patroon van toenemende asielzoekers en onvoldoende permanente opvangcapaciteit. Dit patroon zal waarschijnlijk aanhouden in 2026 en 2027, waardoor meer gemeenten noodopvanglocaties zullen moeten inrichten. Dit stelt gemeenten, hotels en lokale dienstverleners voor grote uitdagingen.

Wat vind je van dit artikel?
Deel
Bron: Regionaal β€” Utrecht. Correcties of aanvullingen: redactie@ondernemers.net.