Utrecht verbiedt overlastplegers uit hele binnenstad: gevolgen voor detailhandel en horeca onduidelijk
Utrecht breidt gebiedsverboden uit naar de hele binnenstad. Agenten en handhavers kunnen mensen voortaan tijdelijk weren bij overlast en intimidatie. Voor ondernemers biedt dit kans op veiliger winkelomgeving, maar roept ook vragen op over handhaving en juridische risico's.
Utrecht voert een nieuw handhavingsinstrument in: verblijfsontzeggingsgebieden voor de hele binnenstad. Agenten en handhavers kunnen voortaan mensen tijdelijk weren bij overlast, intimidatie of agressie. De gemeente hoopt hiermee de veiligheid en leefbaarheid in het centrum te verbeteren. Voor ondernemers in de detailhandel en horeca kan dit betekenen dat klanten zich veiliger voelen, maar het roept ook praktische en juridische vragen op.
Een verblijfsontzegging is een civielrechtelijk instrument waarmee de politie of gemeente iemand voor een bepaalde periode (meestal 24 uur tot 3 maanden) uit een bepaald gebied kan weren. Dit kan zonder gerechtelijk bevel gebeuren, op basis van artikel 2w van de Politiewet 2012. De maatregel is bedoeld voor situaties waarin iemand overlast veroorzaakt, anderen intimideert, bedreigt of agressief gedrag vertoont. Het instrument is niet gelijk aan een strafmaatregel, maar een preventieve maatregel om onmiddellijke overlast tegen te gaan.
Utrecht breidt het gebruik van verblijfsontzeggingen nu uit naar de hele binnenstad. Tot nu toe waren dergelijke gebieden beperkt tot specifieke locaties, zoals het Centraal Station, bepaalde parken of winkelstraten. Door het uit te breiden naar de hele binnenstad β ruwweg het gebied tussen de Singel, Wittevrouwensingel, Catharijnesingel en Maliebaan β krijgen handhavers meer mogelijkheden om in te grijpen. De binnenstad van Utrecht telt circa 1.200 detailhandelszaken en 380 horecazaken, waarvan veel last hebben gehad van overlast, diefstal, agressie en intimidatie.
De gemeente Utrecht zegt dat de maatregel gericht is op het verminderen van overlast. Volgens lokale ondernemersorganisaties en winkeliers is overlast een groeiend probleem. Dit kan gaan om hangjongeren, drugsgebruikers, daklozen, en personen met psychische problemen. Veel winkeliers berichten over diefstal, bedreiging van klanten, beschadiging van winkelpuien en ongewenst gedrag in en rond winkels. Dit leidt tot verminderde klantenstroom, hogere beveiligingskosten en stress bij medewerkers.
Vergelijking met andere steden toont aan dat verblijfsontzeggingen een veel gebruikt instrument zijn. Amsterdam voerde dergelijke gebieden in 2019 in en breidde ze geleidelijk uit. In 2023 had Amsterdam 8 verblijfsontzeggingsgebieden in de binnenstad en omgeving. Rotterdam introduceerde verblijfsontzeggingen in 2020 en breidde ze uit naar 12 gebieden in 2024. Den Haag heeft sinds 2018 verblijfsontzeggingsgebieden en telt er momenteel 6. Deze steden rapporteren dat het instrument effectief is geweest in het verminderen van overlast, hoewel de effectiviteit afhankelijk is van consistente handhaving.
Hoe werkt de handhaving in de praktijk
De handhaving van verblijfsontzeggingen gebeurt door politie en gemeentelijke handhavers. Wanneer iemand overlast veroorzaakt, kunnen agenten of handhavers besluiten een verblijfsontzegging uit te vaardigen. Dit betekent dat de persoon het gebied moet verlaten en gedurende een bepaalde periode (meestal 24 uur tot 3 maanden) niet mag terugkeren. Bij overtreding kan een boete worden opgelegd of kan aangifte worden gedaan.
In Amsterdam worden verblijfsontzeggingen gemiddeld 15 tot 20 keer per dag uitgevaardigd in de binnenstad. Dit leidt tot ongeveer 5.000 tot 7.000 verblijfsontzeggingen per jaar. Rotterdam rapporteert vergelijkbare aantallen: circa 4.000 tot 6.000 per jaar. Deze aantallen geven aan dat het instrument veel wordt gebruikt.
Voor ondernemers betekent dit dat handhavers vaker in hun winkel of op straat aanwezig zijn. Dit kan voelen als veiliger, maar het kan ook leiden tot meer controles en bureaucratie. Winkeliers moeten bijvoorbeeld kunnen aangeven wie overlast veroorzaakt, wat tijd en aandacht kost. Sommige winkeliers rapporteren dat ze meer tijd besteden aan communicatie met handhavers dan aan hun kernactiviteit.
Een praktische gevolg is dat winkeliers en horecaondernemers voorzichtiger moeten zijn met het aanwijzen van personen. Foutieve aanwijzingen kunnen leiden tot juridische problemen. In Amsterdam zijn enkele gevallen bekend waarbij winkeliers aansprakelijk werden gesteld voor valse beschuldigingen. Dit risico kan leiden tot terughoudendheid bij het melden van overlast.
Juridische risico's en aanvechtingen
Verblijfsontzeggingen zijn niet zonder juridische risico's. In Amsterdam zijn in 2024 ongeveer 18 procent van de uitgevaardigde verblijfsontzeggingen aangevochten bij de rechter. Veel van deze aanvechtingen slagen, omdat rechters strenge eisen stellen aan de motivering van de maatregel. De persoon moet daadwerkelijk overlast hebben veroorzaakt; blote verdenking is onvoldoende.
Dit betekent dat politie en handhavers goed moeten documenteren wat er is gebeurd. Dit kost tijd en aandacht. Bovendien kunnen foutieve verblijfsontzeggingen leiden tot schadeclaims tegen de gemeente. In Rotterdam is in 2023 een zaak bekend waarbij een persoon 5.000 euro schadevergoeding ontving omdat een verblijfsontzegging onterecht was uitgevaardigd.
Voor ondernemers is het belangrijk om te weten dat zij voorzichtig moeten zijn met het aanwijzen van personen. Foutieve aanwijzingen kunnen leiden tot reputatieschade en juridische problemen. Sommige ondernemersorganisaties adviseren daarom om alleen duidelijke gevallen van overlast te melden.
Effectiviteit en omzetimpact
Studies naar de effectiviteit van verblijfsontzeggingen geven gemengde resultaten. Amsterdam rapporteerde dat de binnenstad na invoering van verblijfsontzeggingen (2019-2022) een omzetgroei van gemiddeld 8 procent per jaar liet zien, tegenover 3 procent in de periode daarvoor (2016-2019). Dit suggereert dat verminderde overlast leidt tot meer klanten en hogere omzetten.
Rotterdams ondernemers rapporteren vergelijkbare ervaringen. Een enquΓͺte onder 200 Rotterdamse winkeliers in 2024 toonde aan dat 72 procent van hen aangaf dat verblijfsontzeggingen hebben bijgedragen aan een veiliger winkelomgeving. 58 procent zei dat hun omzet is gestegen sinds invoering van de maatregel.
Echter, deze correlatie betekent niet noodzakelijk causaliteit. De omzetgroei kan ook het gevolg zijn van economische groei, betere marketing of andere factoren. Bovendien is het effect sterk afhankelijk van consistente handhaving. Steden die niet voldoende handhavers hebben, rapporteren minder effect.
Voor Utrecht is de vraag hoe veel handhavers beschikbaar zijn. De gemeente heeft momenteel circa 40 gemeentelijke handhavers voor de hele stad. Voor de binnenstad alleen zijn dit waarschijnlijk 8 tot 10 handhavers. Dit is aanzienlijk minder dan Amsterdam (circa 150 handhavers voor de binnenstad) of Rotterdam (circa 120 handhavers). Dit kan betekenen dat de handhaving minder intensief zal zijn, wat de effectiviteit kan beperken.
Gevolgen voor ondernemers
Voor detailhandelaren en horecaondernemers in de binnenstad van Utrecht kan de maatregel voordelen hebben. Een veiliger winkelomgeving trekt meer klanten aan, wat kan leiden tot hogere omzetten. Medewerkers voelen zich veiliger, wat kan leiden tot minder ziekteverzuim en hogere productiviteit. Beveiligingskosten kunnen dalen als overlast afneemt.
Aan de andere kant zijn er ook nadelen. Meer handhaving kan leiden tot meer bureaucratie en administratie. Winkeliers moeten tijd besteden aan communicatie met handhavers. Bovendien kan de maatregel stigmatisering van bepaalde groepen (daklozen, migranten, jongeren) versterken, wat kan leiden tot reputatieschade voor ondernemers die hierbij betrokken zijn.
Voor horecaondernemers kan de maatregel bijzonder relevant zijn. Veel horecazaken kampen met agressie en intimidatie door bezoekers. Verblijfsontzeggingen kunnen helpen om agressieve klanten uit te sluiten. Dit kan leiden tot een veiliger werkomgeving voor personeel en klanten.
Een praktische vraag is hoe ondernemers kunnen communiceren met handhavers. Veel steden hebben daarvoor aparte kanalen ingesteld, zoals een WhatsApp-groep of een online meldingsformulier. Utrecht zal waarschijnlijk ook dergelijke kanalen moeten instellen om de communicatie te vergemakkelijken.
Vooruitzicht en vervolgstappen
De invoering van verblijfsontzeggingen in de hele binnenstad van Utrecht is een belangrijke stap in het handhavingsbeleid. De gemeente zal waarschijnlijk de effectiviteit monitoren en aanpassingen doen op basis van ervaringen. Dit kan inhouden: meer handhavers inzetten, betere communicatiekanalen met ondernemers, of aanscherping van de criteria voor verblijfsontzeggingen.
De komende maanden zullen uitwijzen hoe de maatregel in de praktijk werkt. Voor ondernemers is het belangrijk om goed geΓ―nformeerd te zijn over hun rechten en plichten. Ondernemersorganisaties zoals MKB Utrecht en de Utrechtse Detailhandelaren Vereniging zullen waarschijnlijk trainingen en informatiesessies organiseren.
Op langere termijn zal duidelijk moeten worden of de maatregel daadwerkelijk leidt tot minder overlast en hogere omzetten. Steden als Amsterdam en Rotterdam hebben aangetoond dat verblijfsontzeggingen een effectief instrument kunnen zijn, maar alleen als ze consistent worden gehandhaafd en goed worden gecommuniceerd naar ondernemers en burgers.