Zomerkampen voor arme kinderen in gevaar door vrijwilligerstekort in Gelderland
Stichting VakantieKind schrapt deze zomer een vakantieweek omdat vrijwilligers ontbreken. Daardoor kunnen 25 kinderen uit gezinnen met lage inkomens niet op vakantie. Ook andere organisaties zien hun kampprogramma's krimpen.
Stichting VakantieKind in Gelderland kan deze zomer een volledige vakantieweek niet doorgaan vanwege een tekort aan vrijwilligers. Dit betekent dat 25 kinderen uit gezinnen met lage inkomens hun zomervakantie niet kunnen doorbrengen in een georganiseerd kamp. Ook andere kindervakantie-organisaties zoals Stichting SOR zien hun aanbod afnemen door dezelfde oorzaak. Het vrijwilligerstekort raakt een kwetsbare groep kinderen die zonder deze kampen weinig mogelijkheden hebben om uit hun dagelijkse omgeving weg te komen.
VakantieKind organiseert sinds jaren zomerkampen voor kinderen uit gezinnen met beperkte financiΓ«le middelen. De organisatie biedt kinderen tussen de 6 en 18 jaar de kans om een week weg te gaan, samen met andere kinderen en onder begeleiding van geschoolde vrijwilligers. De kampen vinden plaats op verschillende locaties in Gelderland en omgeving, met activiteiten zoals sporten, creatieve workshops, spelletjes en groepsactiviteiten. Voor veel kinderen is dit de enige kans om op vakantie te gaan.
De kosten voor deelname aan een zomerweek bedragen voor ouders doorgaans tussen de 50 en 150 euro, afhankelijk van de duur en locatie. Voor gezinnen met lage inkomens is dit al een aanzienlijke uitgave. Veel kinderen kunnen alleen deelnemen dankzij subsidies van gemeenten, fondsen en donaties. Zonder deze financiΓ«le ondersteuning zouden veel kampen niet kunnen plaatsvinden. Vakantiekinderen uit gezinnen met inkomens onder bepaalde grenzen krijgen korting of gratis toegang.
Het vrijwilligerstekort is een structureel probleem dat zich de afgelopen jaren heeft verscherpt. Vakantieorganisaties hebben moeite om voldoende vrijwilligers te werven en te behouden. Een zomerweek vereist gemiddeld 8 tot 12 vrijwilligers per groep van 20 tot 30 kinderen. Dit zijn begeleiders, kookpersoneel, activiteitenleiders en ondersteunend personeel. Veel vrijwilligers zijn zelf werkend en kunnen niet zomaar een week vrij nemen. Anderen hebben gezinsverplichtingen of geven prioriteit aan andere activiteiten.
De coronapandemie tussen 2020 en 2021 heeft het vrijwilligersbestand flink aangetast. Veel vrijwilligers hebben hun activiteiten stopgezet en zijn niet teruggekomen. Volgens onderzoeken van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) daalde het aantal vrijwilligers in Nederland tussen 2019 en 2023 met ongeveer 8 procent. In de kinderopvang en jeugdwerk was de daling nog sterker, met afnames van 12 tot 15 procent. De terugkeer naar normale activiteiten na corona verliep moeizaam, en veel organisaties hebben moeite gehad om hun vrijwilligerscorps weer op te bouwen.
Daarnaast speelt de vergrijzing van het vrijwilligersbestand een rol. Veel vrijwilligers in jeugdwerk zijn ouder dan 55 jaar. Jongere vrijwilligers zijn moeilijker te werven. Dit hangt samen met veranderde levensstijlen, meer mobiliteit, meer mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding en minder binding aan lokale gemeenschappen. Jongeren zijn vaker mobiel voor studie en werk, hebben minder vaste routines en geven prioriteit aan flexibiliteit. Een wekelijkse of maandelijkse vrijwilligersverplichting past niet altijd in hun leven.
Ook speelt de professionalisering van jeugdwerk een rol. Organisaties stellen steeds hogere eisen aan vrijwilligers, zoals trainingen, achtergrondchecks, verzekeringen en formele kwalificaties. Dit is begrijpelijk vanuit veiligheidsoogpunt, maar het maakt het drempel hoger om vrijwilliger te worden. Veel potentiΓ«le vrijwilligers zien de administratieve lasten als ontmoedigend.
Gevolgen voor kinderen en gezinnen
Het schrappen van vakantieweken heeft directe gevolgen voor kinderen uit gezinnen met lage inkomens. Voor veel van deze kinderen is een zomerweek in een kamp een belangrijk moment in het jaar. Het biedt afwisseling, nieuwe vriendschappen, nieuwe ervaringen en een break uit de dagelijkse routine. Onderzoeken tonen aan dat vakantie positieve effecten heeft op de mentale gezondheid, zelfvertrouwen en sociale vaardigheden van kinderen.
Kinderen uit gezinnen met beperkte middelen hebben minder mogelijkheden voor buitenlandse vakanties, dure activiteiten of regelmatige uitstapjes. Voor hen zijn gesubsidieerde zomerkampen vaak de enige vorm van georganiseerde vakantie. Het schrappen van kampen betekent dat deze kinderen hun hele zomer thuis doorbrengen, mogelijk zonder veel activiteiten of sociale contacten buiten school.
Dit kan gevolgen hebben voor hun welzijn en ontwikkeling. Onderzoek van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) toont aan dat kinderen uit gezinnen met lage inkomens vaker kampen met armoede-gerelateerde stress, zoals voedselonzekerheid, woningproblemen en sociale isolatie. Vakantie kan een vorm van respijt bieden. Het schrappen ervan verdiept de ongelijkheid.
Voor ouders betekent het schrappen van kampen ook stress. Veel ouders werken in lagelonenbanen en hebben moeite om kinderopvang te regelen in de zomer. Zomerkampen bieden een oplossing. Zonder kampen moeten ouders alternatieve opvang zoeken, wat extra kosten met zich meebrengt of niet altijd mogelijk is.
Gevolgen voor organisaties en vrijwilligerswerk
Voor kindervakantie-organisaties betekent het vrijwilligerstekort een bedreiging voor hun voortbestaan. Veel organisaties werken met beperkte budgetten en zijn afhankelijk van vrijwilligers om hun diensten betaalbaar te houden. Zonder vrijwilligers moeten zij meer betaalde krachten aannemen, wat de kosten verhoogt en de toegankelijkheid vermindert.
Stichting VakantieKind en soortgelijke organisaties zijn afhankelijk van donaties, subsidies en vrijwilligerswerk. De jaarlijkse begroting voor een organisatie die enkele honderden kinderen per jaar bereikt, bedraagt doorgaans 200.000 tot 500.000 euro. Ongeveer 40 tot 60 procent hiervan wordt gedekt door vrijwilligerswerk. Zonder vrijwilligers zou dit bedrag moeten worden aangevuld met betaalde arbeid, wat niet haalbaar is met de huidige financiering.
De situatie raakt ook het bredere vrijwilligersveld. Jeugdwerk, maatschappelijk werk, sportverenigingen en culturele organisaties kampen allemaal met vrijwilligerstekorten. Dit wijst op een structureel probleem in de Nederlandse samenleving: minder mensen willen of kunnen zich langdurig vrijwillig inzetten. Dit heeft gevolgen voor de sociale cohesie en de bereikbaarheid van diensten voor kwetsbare groepen.
Pogingen om het tij te keren
Organisaties proberen op verschillende manieren het vrijwilligerstekort aan te pakken. Sommige bieden flexibelere mogelijkheden, zoals eenmalige vrijwilligersactiviteiten in plaats van structurele verplichtingen. Anderen investeren in betere training, waardering en erkenning van vrijwilligers. Ook wordt geprobeerd jongeren te werven via sociale media en scholen.
Gemeenten en provincies proberen vrijwilligerswerk te stimuleren via campagnes en financiΓ«le ondersteuning. De provincie Gelderland heeft in 2024 een vrijwilligersfonds ingesteld met 1 miljoen euro per jaar voor organisaties die vrijwilligers ondersteunen. Ook worden vrijwilligers steeds vaker verzekerd en krijgen zij vergoedingen voor onkosten.
Toch blijven deze inspanningen achter bij de vraag. Het fundamentele probleem is dat minder mensen beschikbaar zijn of willen zijn voor vrijwilligerswerk. Dit hangt samen met veranderde arbeidsmarkten, meer druk op werknemers, meer gezinsverplichtingen en minder binding aan lokale gemeenschappen.
Zonder ingrijpende maatregelen zal het vrijwilligerstekort in jeugdwerk waarschijnlijk verder toenemen. Dit betekent dat meer kampen zullen worden geschrapt, meer kinderen niet op vakantie kunnen gaan, en meer organisaties hun diensten moeten beperken of stopzetten. Dit verdiept de ongelijkheid tussen kinderen uit gezinnen met veel en weinig geld.
Possible oplossingen liggen in verschillende richtingen. Gemeenten kunnen meer investeren in betaalde jeugdwerk, zodat organisaties minder afhankelijk zijn van vrijwilligers. Ook kunnen subsidies voor jeugdwerk worden verhoogd. Scholen kunnen vrijwilligerswerk meer integreren in het curriculum, zodat jongeren al vroeg vertrouwd raken met vrijwilligerswerk. Werkgevers kunnen medewerkers meer mogelijkheden geven om vrijwilligerswerk te combineren met betaalde arbeid.
Voor ondernemers die betrokken zijn bij jeugdwerk, kinderopvang of maatschappelijk werk, is het vrijwilligerstekort een waarschuwing. Het wijst op een groeiend gat in de sociale infrastructuur. Bedrijven die hier gaten willen opvullen, kunnen kansen zien in het aanbieden van diensten die voorheen door vrijwilligers werden gedaan. Dit kan van betaalde kinderopvang tot georganiseerde activiteiten voor kinderen zijn. Tegelijk is het een oproep aan het bedrijfsleven om vrijwilligerswerk van medewerkers meer te ondersteunen en te waarderen.