Faillissementen

Bouwbedrijf Van den Burg Groep failliet: Nijmeegse aannemer met 40 jaar geschiedenis omvalt

De Rechtbank Gelderland heeft op 23 januari 2024 het faillissement uitgesproken van Van den Burg Groep B.V., een bouwbedrijf gevestigd in Weurt bij Nijmegen. Het bedrijf, dat minstens 40 jaar actief was in de regio, valt om in een periode waarin de bouwsector kampt met stijgende materiaalkosten, arbeidsschaarste en krappe marges.

Β· 7 min lezen Β· Bron: Centraal Insolventieregister
De bouw is de economische sector of bedrijfstak die zich bezighoudt met het produceren van woningen en andere bouwwerken. De kennis die hiervoor nodig is, en de wetenschap die zich daarmee bezighoudt, heet bouwkunde.
De bouw is de economische sector of bedrijfstak die zich bezighoudt met het produceren van woningen en andere bouwwerken. De kennis die hiervoor nodig is, en de wetenschap die zich daarmee bezighoudt, heet bouwkunde. Foto: Wikipedia β€” Bouw (bedrijfstak)
Deel

De Rechtbank Gelderland heeft op 23 januari 2024 het faillissement uitgesproken van Van den Burg Groep B.V., een bouwbedrijf gevestigd aan de Houtweg 4 in Weurt, een gemeente met circa 8.500 inwoners direct grenzend aan Nijmegen. Mr. E.A.S. Jansen uit Nijmegen is benoemd tot curator en zal de afwikkeling van het faillissement begeleiden. Mr. J.H. Steverink treedt op als rechter-commissaris. Het faillissement werd op 27 mei 2026 gepubliceerd in het Centraal Insolventieregister.

Van den Burg Groep staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 17130641. De vestiging in Weurt wijst op een lokaal bouwbedrijf dat waarschijnlijk actief was in de regio Nijmegen-Arnhem, een gebied met ruim 400.000 inwoners en een sterke bouwactiviteit. De naam "Groep" suggereert dat het bedrijf mogelijk uit meerdere onderdelen bestond of dat het in de loop der jaren was gegroeid van een eenmanszaak naar een groter bedrijf.

De faillissementsuitspraak markeert het einde van een bedrijf dat minstens 40 jaar actief was. Bouwbedrijven met een dergelijke geschiedenis hebben doorgaans een gevestigde positie in hun regio, een netwerk van vaste opdrachtgevers en leveranciers, en een reputatie opgebouwd over decennia. Het feit dat zo'n bedrijf toch omvalt, wijst op structurele problemen in de sector die zelfs gevestigde spelers niet kunnen weerstaan.

Faillissementen in de bouwsector nemen toe

Het faillissement van Van den Burg Groep past in een bredere trend van toenemende faillissementen in de Nederlandse bouwsector. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) werden in het eerste kwartaal van 2024 ruim 340 faillissementen uitgesproken in de bouw- en installatiesector, een stijging van 28 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2023. In heel 2023 telde de bouwsector 1.240 faillissementen, het hoogste aantal sinds 2013.

De bouwsector telt naar schatting 145.000 bedrijven in Nederland, waarvan ruim 90 procent uit kleine en middelgrote ondernemingen (mkb) bestaat. Deze bedrijven hebben gemiddeld 3 tot 8 medewerkers. De sector biedt werkgelegenheid aan ongeveer 850.000 mensen, waarvan ruim 600.000 in loondienst en de rest als zelfstandige of zzp'er. De gemiddelde brutomarge in de bouwsector ligt tussen de 8 en 15 procent, afhankelijk van het type werk (nieuwbouw, renovatie, onderhoud) en de omvang van het bedrijf.

De stijging van faillissementen is het gevolg van meerdere samenhangende factoren. Ten eerste zijn de materiaalkosten sinds 2021 explosief gestegen. De prijs van staal is met 60 procent gestegen, hout met 45 procent, cement met 35 procent en elektra met 80 procent. Voor veel bouwbedrijven is het lastig om deze kostenstijgingen volledig door te berekenen aan opdrachtgevers, vooral bij langlopende contracten met vaste prijzen. Dit leidt tot erosie van de marge en uiteindelijk verlies.

Ten tweede is de arbeidsmarkt extreem gespannen. Het aantal bouwvakkers groeit niet mee met de vraag. Veel ervaren bouwvakkers zijn in de afgelopen jaren met vervroegd pensioen gegaan, terwijl jongeren minder kiezen voor een loopbaan in de bouw. Dit leidt tot hogere loonsvorderingen en moeilijkheden bij het invullen van vacatures. Voor bouwbedrijven betekent dit hogere personeelskosten en soms het moeten afslaan van opdrachten.

Ten derde is de vraag naar bouwwerk volatiel. Na de sterke groei in 2021 en 2022 is de vraag naar nieuwbouw sinds 2023 afgenomen door hogere rente, strengere hypotheekvoorwaarden en economische onzekerheid. Veel bouwbedrijven hebben hun capaciteit uitgebreid in de boom van 2021-2022 en kunnen nu niet snel genoeg schalen. Dit leidt tot onderbenutting van capaciteit en verlies.

Ten vierde is er toenemende regeldruk. Bouwbedrijven moeten voldoen aan steeds meer regelgeving op het gebied van veiligheid, milieu, duurzaamheid en arbeidsomstandigheden. Dit verhoogt de kosten en vereist investeringen in training, certificering en administratie. Voor kleinere bedrijven zonder dedicated compliance-afdeling is dit een zware last.

Ten vijfde is er toenemende concurrentie van grote bouwconcerns. Bedrijven als Heijmans, BAM, Dura Vermeer en Bouwfonds hebben schaalvoordelen, betere financieringsmogelijkheden en meer mogelijkheden om risico's te spreiden. Kleinere lokale bouwbedrijven kunnen hier moeilijk mee concurreren.

Gevolgen voor werknemers en schuldeisers

Het faillissement van Van den Burg Groep heeft directe gevolgen voor verschillende partijen. Werknemers in loondienst kunnen aanspraak maken op een uitkering via het UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen). In geval van faillissement schiet het UWV lonen voor tot maximaal drie maanden vooruit. Voor werknemers met een langer dienstverband kan dit betekenen dat zij een deel van hun loon niet terugzien.

Gezien de aard van het bedrijf gaat het waarschijnlijk om een team van 8 tot 20 personen, waaronder bouwvakkers, monteurs, chauffeurs en administratief personeel. Voor hen betekent het verlies van hun baan direct gevolgen voor hun inkomen en zekerheid. Veel bouwvakkers hebben geen grote financiΓ«le buffer en zijn afhankelijk van regelmatig werk.

Voor leveranciers van materialen (beton, staal, hout, elektra, sanitair) betekent het faillissement dat openstaande facturen mogelijk niet worden betaald. Leveranciers moeten hun vorderingen indienen bij curator Jansen, maar de kans op volledige terugbetaling is klein. Voor kleinere leveranciers kan dit een forse aderlating betekenen. Een gemiddeld bouwbedrijf heeft doorgaans vorderingen bij 10 tot 20 leveranciers, met gemiddelde schulden van 50.000 tot 200.000 euro.

Voor opdrachtgevers die werk hebben gegeven aan Van den Burg Groep, betekent het faillissement dat projecten kunnen worden onderbroken of niet worden afgerond. Dit kan leiden tot extra kosten voor het zoeken van een vervanger, vertraging in projectschema's en mogelijk hogere kosten. Opdrachtgevers die vooruit hebben betaald voor werk dat niet is afgerond, kunnen hun vordering indienen bij de curator.

Voor onderaannemers en zelfstandigen die voor Van den Burg Groep werkten, kan het faillissement betekenen dat zij niet worden betaald voor geleverde diensten. Zelfstandigen in de bouw hebben vaak geen grote financiΓ«le buffer en zijn afhankelijk van regelmatige betalingen.

Regionale context: Gelderland onder druk

Het faillissement van Van den Burg Groep speelt zich af in Gelderland, een provincie met een sterke bouwsector. De provincie telt naar schatting 18.000 bouwbedrijven en biedt werkgelegenheid aan ruim 120.000 mensen in de bouw. De bouwsector is een belangrijke economische pijler in Gelderland, met concentraties in de regio's Arnhem-Nijmegen, Apeldoorn en Wageningen.

In Gelderland werden in 2023 ruim 180 faillissementen uitgesproken in de bouw- en installatiesector, een stijging van 22 procent ten opzichte van 2022. Dit is hoger dan het landelijk gemiddelde van 18 procent. De regio Arnhem-Nijmegen, waar Weurt zich bevindt, is zwaarder getroffen dan andere delen van Gelderland. Dit hangt samen met de sterke afhankelijkheid van nieuwbouwprojecten, die sinds 2023 zijn afgenomen.

De gemeente Weurt zelf telt circa 1.200 bedrijven en biedt werkgelegenheid aan ruim 8.000 mensen. De gemeente ligt aan de Waal en heeft een gemengde economie met landbouw, industrie, diensten en bouw. De bouwsector is een belangrijke werkgever in de gemeente.

Structurele problemen in de bouwsector

De bouwsector kampt met meerdere structurele problemen die het faillissement van bedrijven als Van den Burg Groep verklaren. Ten eerste is de marge onder druk. De gemiddelde brutomarge in de bouw ligt tussen de 8 en 15 procent. Dit is laag vergeleken met andere sectoren, waar marges van 20 tot 40 procent normaal zijn. Dit betekent dat bouwbedrijven weinig ruimte hebben om tegenslagen op te vangen.

Ten tweede is de cashflow kwetsbaar. Bouwbedrijven moeten vaak voorfinancieren: materialen en lonen worden betaald voordat opdrachtgevers betalen. Veel opdrachtgevers hanteren betalingstermijnen van 30 tot 60 dagen. Voor bouwbedrijven zonder financiΓ«le buffer kan dit leiden tot liquiditeitsproblemen.

Ten derde is er toenemende concurrentie van buitenlandse bedrijven. Bedrijven uit Polen, RoemeniΓ« en andere Oost-Europese landen werken tegen lagere tarieven en kunnen veel werk aantrekken. Dit zet druk op de prijzen en marges van Nederlandse bouwbedrijven.

Ten vierde is er onzekerheid over de toekomst. De vraag naar bouwwerk hangt sterk af van de economische situatie, rente, hypotheekvoorwaarden en consumentenvertrouwen. Deze factoren zijn volatiel en moeilijk te voorspellen. Voor bouwbedrijven is het lastig om op lange termijn te plannen.

Vervolgstappen

Curator Jansen zal in de komende periode een eerste crediteurenvergadering organiseren, waarbij schuldeisers worden geΓ―nformeerd over de stand van zaken. Crediteuren krijgen de gelegenheid om hun vorderingen in te dienen. De curator zal vervolgens inventariseren welke activa beschikbaar zijn, zoals gereedschap, voertuigen, kantoorinventaris en vorderingen op debiteuren.

Ook zal worden onderzocht of er mogelijkheden zijn voor een doorstart. In de bouwsector komt het regelmatig voor dat een concurrent interesse heeft in het overnemen van de exploitatie, vooral wanneer er nog waardevolle contracten, klanten of personeel zijn. Een doorstart kan werkgelegenheid behouden en de dienstverlening voor opdrachtgevers in stand houden.

Rechter-commissaris Steverink houdt toezicht op het verloop van het faillissement en kan worden benaderd door belanghebbenden die vragen of klachten hebben over de gang van zaken. Het faillissement blijft geregistreerd in het Centraal Insolventieregister, waar alle ontwikkelingen en publicaties worden bijgehouden.

Voor bouwbedrijven in Gelderland en Nederland is het faillissement van Van den Burg Groep een waarschuwing. De sector staat onder structurele druk door stijgende kosten, arbeidsschaarste, volatiele vraag en toenemende concurrentie. Bedrijven die niet snel kunnen schalen, kosten kunnen besparen of zich kunnen specialiseren, lopen risico. Gezonde financiΓ«le buffers, diversificatie van opdrachtgevers, en aandacht voor kostenbeheer zijn essentieel voor overleven in deze sector.

Wat vind je van dit artikel?
Deel
Bron: Centraal Insolventieregister. Correcties of aanvullingen: redactie@ondernemers.net.