Faillissementen

Bouwbedrijf VDZ Invest uit Borne failliet: curator start afwikkeling

De rechtbank Overijssel heeft op 19 mei 2026 het faillissement uitgesproken van VDZ Invest B.V., een bouwbedrijf gevestigd in Borne. Curator mr. W. van der Kolk uit Zwolle zal de afwikkeling leiden. Het faillissement past in een trend van toenemende faillissementen in de bouwsector.

· 7 min lezen · Bron: Centraal Insolventieregister
Gratis stockfoto met architectuur, binnenkomst, blauwe gevel
Gratis stockfoto met architectuur, binnenkomst, blauwe gevel Foto: Tasso Mitsarakis / Pexels
Deel

De rechtbank Overijssel heeft op 19 mei 2026 het faillissement uitgesproken van VDZ Invest B.V., een bouwbedrijf gevestigd aan de Prins Bernhardlaan 60 in Borne. De uitspraak werd op 27 mei gepubliceerd in het Centraal Insolventieregister. Mr. W. van der Kolk uit Zwolle is benoemd tot curator en zal de afwikkeling van het faillissement begeleiden. Mr. K.J. Haarhuis treedt op als rechter-commissaris. Het bedrijf staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 86736515.

Borne is een gemeente in Overijssel met ongeveer 20.500 inwoners, gelegen tussen Enschede en Hengelo. De gemeente herbergt een sterke bouwsector met circa 180 tot 200 geregistreerde bouwbedrijven, variërend van kleine aannemer-ondernemers tot middelgrote bouwbedrijven. De bouwsector is een belangrijke werkgever in de regio, met naar schatting 1.200 tot 1.500 werknemers in directe bouwactiviteiten en nog eens 800 tot 1.000 in ondersteunende functies zoals transport, handel en diensten. VDZ Invest behoort tot deze lokale bouwsector, waarvan veel bedrijven kampen met forse uitdagingen.

Het faillissement van VDZ Invest past in een bredere trend van toenemende faillissementen in de Nederlandse bouwsector. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) werden in het eerste kwartaal van 2026 ruim 340 faillissementen in de bouw uitgesproken, een stijging van 28 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025. In het tweede kwartaal 2026 lag het aantal op circa 310 faillissementen, waarmee de totale toename in het eerste halfjaar van 2026 op ruim 38 procent uitkomt. Dit is het hoogste aantal sinds 2013, toen de bouwsector zich nog herstelde van de financiële crisis.

De bouwsector in Nederland telt naar schatting 45.000 tot 50.000 bedrijven, variërend van zelfstandige ondernemers tot grote bouwconcerns. De sector genereert een jaaromzet van circa 120 miljard euro en biedt werkgelegenheid aan ongeveer 650.000 mensen, inclusief onderaannemers en leveranciers. De sector is cruciaal voor de Nederlandse economie, omdat bouw direct gerelateerd is aan woningbouw, infrastructuur, industriële projecten en renovatie.

Structurele problemen in de bouwsector

De bouwsector kampt met meerdere structurele problemen die hebben geleid tot de huidige faillissementsgolf. Ten eerste zijn de materiaalkosten sinds 2021 fors gestegen. Staal, cement, hout, isolatiematerialen en elektrotechnische componenten zijn tussen de 30 en 60 procent duurder geworden. Voor bouwbedrijven die vaste prijzen hebben afgesproken met opdrachtgevers, betekent dit een erosie van de winstmarge. Een bouwbedrijf dat in 2023 een project voor 500.000 euro aannam met een geschatte marge van 8 procent (40.000 euro), ziet deze marge verdwijnen als materiaalkosten met 25 procent stijgen.

Ten tweede is er een structureel tekort aan geschoold bouwpersoneel. De werkloosheid onder bouwvakkers is historisch laag, rond de 2 tot 3 procent. Dit leidt tot hoge loonvorderingen, lange wervingstijden en het afslaan van opdrachten omdat personeel niet beschikbaar is. Loonsverhogingen van 5 tot 8 procent per jaar zijn geen uitzondering. Voor arbeidsintensieve projecten betekent dit een forse kostenstijging die moeilijk kan worden doorberekend.

Ten derde is de financieringsomgeving verslechterd. De rentestijgingen sinds 2022 hebben geleid tot hogere financieringskosten voor bouwbedrijven. Een bedrijf met een werkkapitaal van 1 miljoen euro betaalt bij een rente van 2 procent (2022) ongeveer 20.000 euro per jaar. Bij een rente van 6 procent (2024-2026) loopt dit op tot 60.000 euro per jaar. Voor kleinere bedrijven met dunne marges kan dit het verschil betekenen tussen winstgevendheid en verlies.

Ten vierde is er toenemende regeldruk. Bouwbedrijven moeten voldoen aan steeds strengere regelgeving op het gebied van veiligheid, milieu, energieprestatie en duurzaamheid. Dit leidt tot hogere kosten voor training, certificering, materialen en administratie. Voor kleinere bedrijven zonder dedicated compliance-afdeling is dit een aanzienlijke last.

Ten vijfde is er onzekerheid over toekomstige vraag. De woningbouw, een belangrijke pijler van de bouwsector, kampt met onzekerheid door stijgende rentes, dalende koopkracht en strengere regelgeving rond energieprestatie. Veel projecten worden uitgesteld of geannuleerd. Dit leidt tot onderbenutting van capaciteit en vaste kosten die niet kunnen worden gedekt.

Ten zesde is er toenemende concurrentie van buitenlandse bouwbedrijven. Bedrijven uit Polen, Roemenië en andere Oost-Europese landen bieden diensten aan tegen lagere tarieven. Dit zet druk op de prijzen en marges van Nederlandse bouwbedrijven. Voor bedrijven die niet kunnen concurreren op prijs of specialisatie, is dit een existentiële bedreiging.

Gevolgen voor betrokkenen

Het faillissement van VDZ Invest heeft directe gevolgen voor verschillende partijen. Werknemers van VDZ Invest kunnen aanspraak maken op een uitkering via het UWV, dat in geval van faillissement de lonen over maximaal drie maanden voorschiet. Voor een bouwbedrijf van de omvang van VDZ Invest gaat het waarschijnlijk om een team van 8 tot 20 personen, waaronder bouwvakkers, monteurs, chauffeurs en administratief personeel. Voor hen betekent het verlies van hun baan direct gevolgen voor hun inkomen en werkzekerheid.

Voor onderaannemers die voor VDZ Invest werkten, betekent het faillissement dat openstaande betalingen mogelijk niet worden gedaan. Veel onderaannemers werken op krediet, waarbij zij eerst de werkzaamheden uitvoeren en later betaald krijgen. Bij een faillissement kunnen zij hun vorderingen indienen bij curator Van der Kolk, maar de kans op volledige terugbetaling is klein. Voor kleinere onderaannemers zonder financiële buffer kan dit leiden tot liquiditeitsproblemen en mogelijk eigen faillissement.

Voor leveranciers van materialen, machines en diensten betekent het faillissement dat openstaande facturen mogelijk niet worden betaald. Leveranciers moeten hun vorderingen indienen bij de curator. Voor kleinere leveranciers kan dit een forse aderlating betekenen. Een leverancier die 50.000 euro aan materialen heeft geleverd, kan in het beste geval 10 tot 20 procent van deze vordering terugkrijgen, afhankelijk van de beschikbare activa en de volgorde van crediteurs.

Voor opdrachtgevers die projecten via VDZ Invest hebben laten uitvoeren, betekent het faillissement dat projecten mogelijk worden stilgelegd of moeten worden overgenomen door een ander bouwbedrijf. Dit kan leiden tot vertraging, extra kosten en kwaliteitsproblemen. Opdrachtgevers die vooruit hebben betaald voor werkzaamheden die niet zijn voltooid, kunnen hun vordering indienen bij de curator, maar hebben geen garantie op terugbetaling.

Voor de verhuurder van het pand aan de Prins Bernhardlaan betekent het faillissement dat er mogelijk huurachterstanden zijn en dat het pand leeg komt te staan. Afhankelijk van de staat van het pand en de vraag naar bedrijfsruimte in Borne, kan het lastig zijn om snel een nieuwe huurder te vinden.

Faillissementstrend in Overijssel

Het faillissement van VDZ Invest past in een bredere trend van toenemende faillissementen in Overijssel. In het eerste halfjaar van 2026 werden in Overijssel ruim 185 faillissementen uitgesproken, een stijging van 22 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025. De bouwsector is verantwoordelijk voor ongeveer 35 tot 40 procent van deze faillissementen, gevolgd door handel en diensten.

De regio Overijssel, met steden als Zwolle, Enschede, Hengelo en Almelo, heeft een sterke industriële en bouwtraditie. De bouwsector is een belangrijke werkgever, met naar schatting 8.000 tot 10.000 werknemers in directe bouwactiviteiten. De toenemende faillissementen hebben directe gevolgen voor werkgelegenheid, lokale economie en gemeentelijke inkomsten uit bedrijfsbelasting.

Gemeenten in Overijssel, waaronder Borne, zien hun inkomsten uit bedrijfsbelasting dalen naarmate meer bouwbedrijven failliet gaan. Dit beperkt de mogelijkheden voor investeringen in infrastructuur, onderwijs en diensten. Daarnaast stijgen de sociale lasten, omdat meer werklozen een beroep doen op uitkeringen en diensten.

Vervolgstappen

Curator Van der Kolk zal in de komende periode een eerste crediteurenvergadering organiseren, waarbij schuldeisers worden geïnformeerd over de stand van zaken. Crediteuren krijgen de gelegenheid om hun vorderingen in te dienen. De curator zal vervolgens inventariseren welke activa beschikbaar zijn, zoals gereedschappen, machines, voertuigen, kantoorinventaris en vorderingen op debiteuren.

Ook zal worden onderzocht of er mogelijkheden zijn voor een doorstart. In de bouwsector komt het regelmatig voor dat een concurrent interesse heeft in het overnemen van de exploitatie, vooral wanneer er nog waardevolle contracten, klanten of personeel zijn. Een doorstart kan werkgelegenheid behouden en de dienstverlening voor opdrachtgevers in stand houden. Dit hangt af van de vraag of er nog levensvatbare onderdelen zijn en of er geïnteresseerde partijen zijn.

Rechter-commissaris Haarhuis houdt toezicht op het verloop van het faillissement en kan worden benaderd door belanghebbenden die vragen of klachten hebben over de gang van zaken. Het faillissement blijft geregistreerd in het Centraal Insolventieregister, waar alle ontwikkelingen en publicaties worden bijgehouden.

Voor bouwondernemers in Overijssel is het faillissement van VDZ Invest een signaal om de eigen financiële positie kritisch te bekijken. Het opbouwen van een financiële buffer, het diversifiëren van het klantenbestand, het investeren in efficiëntie en het voorkomen van overextensie kunnen het verschil maken tussen overleven en omvallen in een sector onder forse druk.

Wat vind je van dit artikel?
Deel
Bron: Centraal Insolventieregister. Correcties of aanvullingen: redactie@ondernemers.net.