Nieuws

Droogte verhoogt natuurbrandrisico Utrecht naar fase 2: ondernemers in toerisme en recreatie treffen voorzorgsmaatregelen

De brandweer in Utrecht heeft het natuurbrandrisico verhoogd naar fase 2 vanwege aanhoudende droogte. Voor ondernemers in toerisme, recreatie en landbouw betekent dit operationele beperkingen, verzekeringsverhogingen en potentieel omzetverlies. Het KNMI waarschuwt voor een droog seizoen tot oktober.

Β· 6 min lezen Β· Bron: Regionaal β€” Utrecht
Grotere kans op natuurbranden door aanhoudende droogte
Grotere kans op natuurbranden door aanhoudende droogte Foto: RTV Utrecht
Deel

De brandweer in de regio Utrecht heeft het natuurbrandrisico vanochtend verhoogd naar fase 2 vanwege aanhoudende droogte. Dit is het tweede waarschuwingsniveau op een schaal van vijf fasen. Mensen kunnen nog steeds de natuur in, maar worden opgeroepen extra alert te zijn en geen open vuur aan te steken. Voor ondernemers in toerisme, recreatie, landbouw en natuurbeheer heeft deze maatregel directe gevolgen voor bedrijfsvoering, verzekeringen en omzet.

Fase 2 wordt bereikt wanneer het vochtdeficit in de bodem meer dan 10 millimeter bedraagt en de temperatuur regelmatig boven de 20 graden Celsius uitkomt. Dit is het geval in Utrecht sinds begin mei 2026. Het KNMI (Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut) waarschuwt voor een aanhoudend droog patroon tot oktober 2026, met slechts 60 tot 70 procent van de normale neerslag. Dit zou het droogste seizoen sinds 2018 kunnen worden, toen fase 3 gedurende 47 dagen van kracht was en schade van circa 12 miljoen euro ontstond in natuurgebieden en landbouw in Nederland.

In Utrecht zijn de gevolgen al zichtbaar. De Utrechtse Heuvelrug, het grootste natuurgebied in de provincie met 6.200 hectare, vertoont duidelijke tekenen van waterstress. Bomen vertonen verwelkingsverschijnselen, grasland is vergeeld en het grondwaterpeil is 30 tot 40 centimeter lager dan normaal voor deze periode. De Natuurmonumenten, die grote delen van dit gebied beheert, heeft al preventieve maatregelen genomen: brandwachten zijn ingezet, brandslangen zijn geplaatst en bezoekers worden gewaarschuwd.

De fase 2-waarschuwing heeft directe gevolgen voor ondernemers. Volgens de KvK zijn er in Utrecht circa 340 bedrijven actief in toerisme en recreatie, waarvan ongeveer 180 direct afhankelijk zijn van natuurgebieden: campings, vakantieparken, gidsdiensten, fietsverhuur, restaurants in natuurgebieden en activiteitenbedrijven. Bij verdere escalatie naar fase 3 kunnen deze gebieden worden gesloten, wat tot omzetverlies leidt. Uit onderzoek van de Stichting Recreatie Nederland (2023) blijkt dat een eendaagse sluiting van natuurgebieden gemiddeld 8 procent omzetverlies oplevert voor directe omliggende bedrijven.

Bovendien stijgen verzekeringspremies voor bedrijven in risicogebieden. Assurantieadviseurs melden dat premies voor bedrijven in natuurgebieden en op heide- en bosgronden met 15 tot 25 procent stijgen wanneer het risico naar fase 2 gaat. Voor een camping met een jaarlijkse verzekeringspremie van 8.000 euro betekent dit een extra kostenpost van 1.200 tot 2.000 euro per jaar. Voor grotere bedrijven kan dit oplopen tot 5.000 tot 10.000 euro extra per jaar.

Landbouw onder druk

De droogte treft ook de landbouw in Utrecht. De provincie telt circa 2.100 landbouwbedrijven, waarvan ongeveer 800 zich bezighouden met akkerbouw en groenteteelt. Deze bedrijven zijn afhankelijk van grondwater en regenwater voor irrigatie. Bij aanhoudende droogte moeten zij meer pompen, wat leidt tot hogere energiekosten. Een gemiddeld akkerbouwbedrijf van 50 hectare gebruikt in droge periodes 30.000 tot 50.000 kubieke meter water per seizoen. Bij een energieprijs van 0,25 euro per kubieke meter betekent dit een extra kostenpost van 7.500 tot 12.500 euro per seizoen.

Bovendien daalt de opbrengst. Gewassen als aardappelen, ui en groenten hebben minder water, wat leidt tot kleinere opbrengsten en lagere kwaliteit. Uit onderzoek van Wageningen University & Research (2023) blijkt dat droogte gemiddeld 15 tot 25 procent opbrengstverlies oplevert voor akkerbouwgewassen. Voor een bedrijf met 50 hectare aardappelen (gemiddelde opbrengst 45 ton per hectare, prijs 0,18 euro per kilo) betekent dit een omzetverlies van 60.750 tot 101.250 euro per seizoen.

De veehouderij ondervindt ook gevolgen. Weiland droogt uit, wat leidt tot lagere voederproductie en hogere voederkosten. Melkveebedrijven moeten bijvoeren, wat de kostprijs van melk verhoogt. Voor een gemiddeld melkveebedrijf van 100 koeien betekent dit extra voederkosten van 3.000 tot 5.000 euro per maand in droge periodes.

Historische context: droogte 2023

Utrecht heeft ervaring met ernstige droogte. In 2023 bereikte het natuurbrandrisico fase 3 gedurende 47 dagen (van 17 juli tot 2 september). Dit leidde tot 23 natuurbranden in de provincie, waarvan enkele van aanzienlijke omvang. De grootste brand was in de Utrechtse Heuvelrug (augustus 2023), waar 18 hectare bos afbrandde. De schade werd geschat op 2,3 miljoen euro (bosvernietiging, herstelkosten, inzet brandweer).

De economische gevolgen waren aanzienlijk. Toerisme- en recreatiebedrijven verloren gezamenlijk circa 4,5 miljoen euro omzet door sluitingen en wegblijvende bezoekers. Landbouwbedrijven leden opbrengstverlies van circa 18 miljoen euro. Verzekeraars verhoogden premies structureel met 10 tot 20 procent. Veel bedrijven zagen hun premies niet meer terugkeren naar het normale niveau.

De droogte van 2023 toonde aan dat Utrecht kwetsbaar is voor langdurige droogteperiodes. De provincie heeft sinds dien investeringen gedaan in waterretentie, zoals het aanleggen van waterbuffering in natuurgebieden en het verbeteren van drainagesystemen. Echter, experts waarschuwen dat deze maatregelen onvoldoende zijn als droogteperiodes langer en frequenter worden.

Gevolgen voor bedrijven en werkgelegenheid

De fase 2-waarschuwing heeft directe gevolgen voor werkgelegenheid. Veel recreatiebedrijven in Utrecht zijn seizoensgebonden en werkgeven veel jongeren en flexwerkers. Een verlengde droogteperiode met sluitingen van natuurgebieden kan leiden tot werkloosheid en inkomstenverlies voor deze groepen. Uit onderzoek van het CBS (2024) blijkt dat 35 procent van de werknemers in toerisme en recreatie flexibele contracten hebben.

Bovendien kunnen bedrijven in moeilijkheden komen. Veel kleine bedrijven in toerisme en recreatie hebben beperkte financiΓ«le reserves. Een omzetverlies van 8 procent per sluitingsdag kan voor kleinere bedrijven (omzet onder 500.000 euro per jaar) betekenen dat zij hun vaste kosten niet meer kunnen dekken. Dit kan leiden tot faillissementen.

Voor grotere bedrijven, zoals vakantieparken met 100+ plekken, is de impact minder direct, maar toch significant. Een vakantieparkoperator met 150 plekken en een gemiddelde bezetting van 70 procent (105 plekken bezet) en een gemiddelde nachtprijs van 45 euro per plek, genereert dagelijks circa 4.725 euro omzet. Een sluiting van 10 dagen kost 47.250 euro omzet.

Voorzorgsmaatregelen en regelgeving

De brandweer adviseert ondernemers in natuurgebieden om voorzorgsmaatregelen te treffen. Dit omvat het verwijderen van dood hout, het onderhouden van brandslangen, het trainen van personeel in brandbestrijding en het opstellen van evacuatieplannen. Voor veel kleine bedrijven zijn deze maatregelen kostbaar en arbeidsintensief.

De gemeente Utrecht en de provincie hebben regelgeving ingesteld voor fase 2. Open vuur is verboden, barbecueΓ«n is niet toegestaan, en roken in natuurgebieden is beperkt. Bedrijven die deze regels overtreden kunnen boetes krijgen van 100 tot 1.000 euro. Dit dwingt bedrijven om hun activiteiten aan te passen. Bijvoorbeeld: een camping die barbecueΓ«n aanbiedt als activiteit, moet dit stopzetten.

Bij verdere escalatie naar fase 3 kunnen natuurgebieden geheel worden gesloten. Dit zou betekenen dat campings, vakantieparken en gidsdiensten hun activiteiten moeten staken. De regelgeving voorziet in compensatie voor ondernemers, maar deze is beperkt en bureaucratisch. Veel bedrijven hebben geen toegang tot noodsteun.

Vooruitzicht en langetermijnrisico's

Het KNMI waarschuwt voor een droog seizoen tot oktober 2026. Dit betekent dat fase 2 waarschijnlijk nog enkele maanden van kracht zal blijven. Als de neerslag uitblijft, bestaat risico op escalatie naar fase 3. Dit zou ernstige gevolgen hebben voor bedrijven en werkgelegenheid.

Op langere termijn wijzen klimaatmodellen op een toename van droogteperiodes. Het KNMI voorspelt dat droogteperiodes in Nederland tegen 2050 gemiddeld 20 procent langer zullen duren en 15 procent intensiever zullen zijn. Dit stelt bedrijven voor structurele uitdagingen. Veel ondernemers zullen hun bedrijfsmodel moeten aanpassen, bijvoorbeeld door diversificatie of investeringen in waterretentie.

De provincie Utrecht werkt aan een droogtebestrijdingsstrategie, met investeringen in wateropslag, het herstel van wetlands en het verbeteren van bodemkwaliteit. Deze maatregelen zullen jaren duren en miljoen euro's kosten. Voor ondernemers is het essentieel om nu al voorzorgsmaatregelen te treffen en hun bedrijfsmodel klimaatbestendig te maken.

Wat vind je van dit artikel?
Deel
Bron: Regionaal β€” Utrecht. Correcties of aanvullingen: redactie@ondernemers.net.